Hoe bereken je de Rc-waarde? Zo werkt de calculator
- 1Kies wat je uitrekent: een gevel, dak of vloer, of een wand of vloer naar een onverwarmde ruimte zoals de kruipruimte. De overgangsweerstanden vullen zich vanzelf in.
- 2Vul de lagen in van binnen naar buiten: kies het materiaal (de gangbare λ verschijnt) en de dikte. Weet je de λ van je product, vul die dan in.
- 3Laat lagen die je niet nodig hebt leeg of kies „Geen laag”.
- 4Kies een eis — het Bbl voor nieuwbouw of verbouw, of de regels in Engeland, Duitsland en Frankrijk — of een eigen waarde. Je ziet of je constructie voldoet en hoeveel isolatie er nog ontbreekt.
- 5Optioneel: vul oppervlakte en temperatuurverschil in om de warmtestroom te zien.
Rc-waarde en U-waarde berekenen (formule)
- 01R van een laag = dikte (m) ÷ λ (W/mK)
- 02Rc = R1 + R2 + … (alleen de lagen)
- 03R_T = Rsi + Rc + Rse
- 04U = 1 ÷ R_T (W/m²K)
- 05Warmtestroom = U × oppervlakte × temperatuurverschil (W)
Elke laag houdt warmte tegen naar verhouding van zijn dikte en omgekeerd evenredig met zijn warmtegeleidingscoëfficiënt λ: 110 mm PIR met λ 0,022 geeft R = 0,11 ÷ 0,022 = 5,0 m²K/W, 100 mm kalkzandsteen met λ 0,99 maar 0,10. Tel de lagen op en je hebt de Rc-waarde — de warmteweerstand van de constructie van oppervlak tot oppervlak, zonder de overgangsweerstanden. Daarop toetst het Bbl.
De U-waarde is de warmte die er per m² en per graad temperatuurverschil doorheen gaat: U = 1 ÷ (Rsi + Rc + Rse), met de overgangsweerstanden uit NEN-EN-ISO 6946 (binnen 0,13 bij een wand, 0,10 onder een dak, 0,17 boven een vloer; buiten 0,04). Op een isolatiepakket staat de Rd-waarde: de warmteweerstand van alleen dat product. De Rc van de hele gevel ligt hoger, want de andere lagen tellen mee.
Dit is de eenvoudige methode voor lagen die overal gelijk zijn. Waar regels, sporen of spouwankers de isolatie onderbreken, rekent de norm met gemiddelde warmtewegen en toeslagen; dat doet de leverancier of adviseur voor de bouwaanvraag. De uitkomst hier is het beste geval voor het geïsoleerde deel.
Voorbeeld: Rc-waarde van een spouwmuur
Een gevel van 10 mm pleisterwerk, 100 mm kalkzandsteen en 110 mm PIR-isolatie (λ 0,022) heeft lagen met R 0,02 m²K/W, 0,101 m²K/W en 5 m²K/W: samen een Rc-waarde van 5,12 m²K/W.
Het Bbl vraagt voor de gevel van een nieuwe woning minstens 4,7 m²K/W, dus deze gevel voldoet. Met Rsi 0,13 m²K/W en Rse 0,04 m²K/W is de U-waarde 0,189 W/m²K.
Over 10 m² gevel en 20 K temperatuurverschil gaat er 38 W doorheen.
Tips voordat je koopt
- Op isolatiepakken staat de Rd-waarde (alleen het product) en de λ. Gebruik die λ: twee platen die er hetzelfde uitzien kunnen 20 % verschillen.
- In een spouwmuur met open stootvoegen telt het buitenblad niet mee: laat de spouw en de gevelsteen weg en zet Rse op 0,13.
- De isolatie doet het werk: een dikkere steen verandert de Rc nauwelijks, 2 cm extra PIR veel meer.
- Isoleer je een massieve muur aan de binnenkant, laat dan eerst het risico op condens beoordelen door een vakman.
- Voor ISDE-subsidie gelden eigen minimale Rd-waarden per maatregel; kijk op de site van RVO welke waarde jouw maatregel vraagt.
Veelgestelde vragen
Hoe bereken je de Rc-waarde?
Deel de dikte van elke laag in meters door zijn λ-waarde en tel de uitkomsten op. 10 mm pleister (0,01 ÷ 0,51 = 0,020), 100 mm kalkzandsteen (0,1 ÷ 0,99 = 0,101) en 110 mm PIR (0,11 ÷ 0,022 = 5,0) geven samen Rc = 5,12 m²K/W.
Wat is het verschil tussen de Rc-waarde, de Rd-waarde en de U-waarde?
De Rd-waarde is de warmteweerstand van alleen het isolatieproduct, zoals op de verpakking staat. De Rc-waarde is de warmteweerstand van de hele constructie, alle lagen samen, zonder de overgangsweerstanden. De U-waarde is de warmtedoorgang: U = 1 ÷ (Rsi + Rc + Rse). Hoe hoger Rd en Rc, en hoe lager U, hoe beter.
Welke Rc-waarde eist het Bbl?
Voor nieuwbouw van een woning minstens Rc 4,7 m²K/W voor de gevel, 6,3 voor het dak en 3,7 voor de vloer. Bij verbouw, als je de isolatie vernieuwt of vervangt, minstens Rc 2,6 voor de vloer, 1,4 voor de gevel en 2,1 voor het dak (artikel 5.20).
Hoe reken je de Rc-waarde om naar een U-waarde?
Tel de overgangsweerstanden op bij de Rc en neem het omgekeerde: voor een gevel met Rc 4,7 is U = 1 ÷ (0,13 + 4,7 + 0,04) = 0,21 W/m²K. Voor een dak met Rc 6,3: U = 1 ÷ (0,10 + 6,3 + 0,04) = 0,16.
Hoeveel cm isolatie heb ik nodig voor Rc 4,7?
Trek de R van de andere lagen af van 4,7 en vermenigvuldig met de λ van de isolatie. Bij een binnenblad van 100 mm kalkzandsteen met pleister (samen 0,12) ontbreekt 4,58: met PIR (λ 0,022) is dat 0,10 m, met minerale wol (λ 0,035) 0,16 m.
Telt een luchtspouw mee voor de Rc-waarde?
Een stilstaande, niet geventileerde spouw telt mee: vanaf 25 mm ongeveer 0,18 m²K/W in een wand (NEN-EN-ISO 6946, tabel 8). Een sterk geventileerde spouw niet; dan tellen ook de lagen buiten de spouw, zoals het buitenblad, niet mee.
Wat is een goede Rc-waarde voor een dak?
Voor nieuwbouw eist het Bbl minstens Rc 6,3 m²K/W. Bij na-isolatie van een bestaand dak is Rc 3,5 tot 6 gebruikelijk, afhankelijk van de ruimte tussen de sporen.
Ook gezocht als: rc waarde berekenenu waarde berekeningu-waarde berekenenrc waarde muur berekenenrc waarde dak berekenenrc waarde vloer berekenenwarmteweerstand berekenenrd waarde naar rc waardeisolatiewaarde berekenen
Bronnen
- ISO 6946:2007, inkijkexemplaar – tabel 1 overgangsweerstanden (Rsi 0,10 / 0,13 / 0,17, Rse 0,04) en tabel 2 niet-geventileerde luchtlagen (Engels)
- ISO 6946:2017, inkijkexemplaar – Rc is de weerstand van oppervlak tot oppervlak, zonder overgangsweerstanden (Engels)
- Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), artikel 4.152 (nieuwbouw) en 5.20 (verbouw)
- BCRG-richtlijnen bij NTA 8800 – Rsi en Rse 0,17 voor een vloer boven een kruipruimte
- Bbl-eisen voor energiezuinigheid bij nieuwbouw, met de minimale Rc-waarden (Informatiepunt Leefomgeving)
- Bbl-eisen voor energiezuinigheid bij verbouw (Informatiepunt Leefomgeving)
- Duitsland: Gebäudemodernisierungsgesetz (GModG, voorheen GEG), Anlage 7 (Duits)
- Engeland: Approved Document L, deel 1, editie 2021 met wijzigingen 2023, tabellen 4.1–4.3 (Engels)
- Ierland TGD L 2022, tabel A1 – λ-waarden van bouwmaterialen (uit EN ISO 10456, Engels)
Formules laatst gecontroleerd: 30 september 2026 ·Zo controleren we onze formules